Briefing

Het eerste plan omvatte een massale landing van de volledige No4 Special Service Brigade, gericht op de plek waar een dijkdoorbraak had plaatsgevonden bij Westkapelle.  Vandaaruit zouden de commando’s zich in de richting van Domburg en Vlissingen verplaatsen. Gevolgd door een Canadese Infanteriebrigade.

De rol die het No4 commando zou hebben binnen dit plan stond nog niet helemaal vast. Eerst was het de bedoeling dat het No4 commando als reserve zou worden ingezet, daarna zou het twee uur na de landing de 47 en 48 Royal Marines volgen richting Vlissingen. Een andere opzet van het plan was dat de helft van het No4 Commando direct bij de landing ingezet zou worden en het zuidelijke deel van de duinen in moest nemen. Daarna gingen ze samen met de andere helft van het No4 Commando richting Vlissingen. Uiteindelijk nam men de beslissing dat het No4 Commando als eerste de aanval op het dijkgat bij Westkapelle ten uitvoer zou brengen.

Toch stond ook dit plan nog niet in steen gegraveerd.

Wel zeker was dat de operatie uitgevoerd door het No4 Commando gedaan zou worden door middel van L.V.T.’s, die op hun beurt afkomstig waren uit L.C.T.’s. Het stond namelijk vast dat L.C.A.’s niet inzetbaar waren bij de onstuimige zee rond de punt van Westkapelle. De L.C.T.’s hadden de opdracht om door het dijkgat te varen en daar de L.V.T.’s met de commando’s zo dicht mogelijk bij de duinrand te lossen.

Figuur 1 Landing Craft Assault
Figuur 2 Landing Craft Tank
Figuur 3 Landing Vehicle Tracked

Het hele plan was ontstaan doordat de RAF de duinen bij Westkapelle, de dijk bij Veere en die van Vlissingen had gebombardeerd. Met als doel een bres te doen ontstaan en zo het achterliggende land onder water te zetten. Dit had als gevolg dat letterlijk het grootste deel van Walcheren onder water kwam te staan.

Figuur 4 Vlissingen november 1944

De legerleiding had niet verwacht dat de uitwerking van het binnenstromende zeewater zo groot zou zijn. Men werd bang dat al dat water de Duitsers wellicht een voordeel zou opleveren. Doordat er zoveel water stond, was er weinig bewegingsruimte voor de commando’s om zich via de wegen te verplaatsen. Hierdoor bestond de mogelijkheid dat de Duitsers gericht zwaar vuur konden geven op enkele plekken waarlangs de commando’s zouden oprukken.

Achteraf kan er gesteld worden dat de Duitse legerleiding op Walcheren het water nooit als bondgenoot heeft gezien. Het heeft er zelfs voor gezorgd dat communicatielijnen werden onderbroken. Uiteindelijk brak het water het moreel onder de Duitse soldaten en officieren. Voor de Duitsers ontstond er een dodelijke inactiviteit van alle werkzaamheden.

Oudere Duitse officieren vertelden na hun gevangenneming dat ze ervan overtuigd zijn dat zij zonder het water nooit verslagen hadden kunnen worden.  

Halverwege oktober 1944 ontstond er een nieuw plan, waarbij de mogelijkheid van een tweede landing werd besproken. Bij Vlissingen zou, naast die bij Westkapelle, ook een landing worden uitgevoerd. Deze landing zou worden uitgevoerd door de 47 Royal Marines, direct gevolgd door het No4 Commando.

Dit plan kon alleen ten uitvoer worden gebracht als de RAF voorafgaand aan de landing een vernietigend bombardement op de stad zou uitvoeren. Het bombardement moest de weerstand van de Duitse troepen tot het minimum reduceren.

Dit uiteindelijke plan wat besproken werd met alle betrokken troepen, was een combinatie van alle voorgaande plannen. Uit de manier waarop het gebracht werd bleek dat het hele plan nog met losse draadjes aan elkaar zat. Niet iets wat een commando graag hoort bij het uitvoeren van een cruciale en gevaarlijke opdracht.

Na langdurig overleg werd tegen het eind van oktober duidelijk welke eenheid welke taak toebedeeld kreeg. Alles wat gedaan moest worden om het plan te doen slagen werd gedaan, tot volle tevredenheid van alle eenheden. Nu was alles duidelijk – geen open eindjes.

Het No4 commando kreeg te horen dat hun eerdere taak kwam te vervallen en dat ze nu als eerste een voet op Vlissingse bodem zouden zetten. Een directe commandoaanval in de vroege ochtend van 1 november 1944.

Geef een reactie